Leo Mobach

Btw-positie van commissarissen en soortgelijke functionarissen

11 Dec 2018

De afgelopen jaren is veelvuldig gesproken over de vraag of een lid van de raad van commissarissen als btw-ondernemer moet worden aangemerkt. Het Gerechtshof Den Bosch deed afgelopen zomer een opvallende uitspraak met betrekking tot de btw-positie van commissarissen. Deze uitspraak kan leiden tot een koerswijziging van de Belastingdienst, weet ook partner Leo Mobach verbonden aan KPMG Meijburg & Co.

Oude situatie

De staatssecretaris van Financiën heeft in het verleden besloten dat er pas sprake is van btw-ondernemerschap voor personen die vijf of meer commissariaten uitoefenen. De Europese Commissie heeft Nederland erop gewezen dat een dergelijk getalscriterium in strijd is met het Europees recht. Daarom is dit besluit per 2013 ingetrokken en wordt sindsdien het vervullen van één commissariaat al als een economische activiteit beschouwd. De betreffende commissaris kwalificeert in dat geval als ondernemer voor de btw wanneer deze hiervoor een vergoeding ontvangt.

Recente ontwikkelingen

Onlangs heeft een commissaris zijn zaak aanhangig gemaakt bij het Hof Den Bosch. Deze commissaris is namelijk van mening dat hij niet zelfstandig economische activiteiten verricht en daardoor niet als btw-ondernemer kan worden aangemerkt. Het Hof Den Bosch heeft geconstateerd dat de Europese Commissie en de staatssecretaris van Financiën verschillend denken over dit vraagstuk. Daarom heeft het Hof besloten prejudiciële vragen hierover te stellen aan het Hof van Justitie van de Europese Unie. Dit kan tot gevolg hebben dat de Belastingdienst haar koers in de toekomst moet wijzigingen. Daarnaast lijkt dit jaar het toepassingsbereik van het btw-ondernemerschap te zijn uitgebreid. Eerder dit jaar oordeelde het Hof Amsterdam namelijk dat een lid van een geschillencommissie als btw-plichtige kan worden aangemerkt. Hierdoor is het niet ondenkbaar dat naast RvC-leden, ook leden van de raad van toezicht, leden van geschillencommissies en leden van beleggingscommissies in de toekomst met dezelfde btw-problematiek geconfronteerd zullen worden.

‘Functionarissen moeten zelf hun bezwaarprocedure starten’

Wat kunt u doen?

Het oordeel van het Hof van Justitie zal enige tijd in beslag nemen. Toch is actie geboden voor de organisaties en hun functionarissen in het geval dat de btw voor de organisaties een kostenpost vormt. Wanneer functionarissen die een vergoeding ontvangen nu btw berekenen vormt deze btw voor bepaalde organisaties (bijvoorbeeld banken, verzekeraars, pensioenfondsen en goede doelinstellingen) een kostenpost wanneer hun eigen activiteiten zijn vrijgesteld van btw. Deze functionarissen kunnen nu hun rechten veiligstellen voor het geval het arrest van het Hof van Justitie gunstig uitpakt. Zij kunnen bij een dergelijke uitkomst met een beroep op deze uitspraak de teveel betaalde btw terugvragen vanaf het moment dat bezwaar is gemaakt tegen het berekenen van btw. Deze mogelijk terug te ontvangen btw kan dan vervolgens worden doorbetaald aan de organisatie. Hiervoor dient nu reeds bezwaar te worden aangetekend. De bezwaarprocedure moet de functionaris zelf starten.

Meer informatie?

Neem contact op met Leo Mobach (mobach.leo@kpmg.com of 088-9091224) of Florian de Jager (dejager.florian@kpmg.com of 088-9091776).

Tekst en beeld: RAAD magazine editie 8, december 2018

Deel dit bericht

Deze website maakt gebruik van cookies.

Door gebruik te blijven maken van de website gaat u akkoord met het gebruik van cookies.

KPMG gebruikt cookies voor o.a. de volgende doelen: beveiligen van de website; optimaliseren van de website en de dienstverlening door o.a. analyses websitegebruik en statistieken; integratie met sociale media waardoor bezoekers informatie op onze website kunnen delen via sociale media en e-mail.

Wilt u meer weten over deze cookies lees dan onze Online Privacy Statement

Akkoord